|
De geschiedenis van de "Burgemeester Van Alphenweg"; Circuit van Zandvoort |
||
| Circuit van Zandvoort beginpagina | ||
| Deze pagina gaat
over de geschiedenis van het circuit van Zandvoort. Ik heb hier eens een
scriptie over geschreven voor school. Met wat aanpassingen aan dat
concept, plaats ik deze nu hier. Tijdens het lezen van deze scriptie zul je
heel wat grappige saillante details te weten komen over het circuit. Het
eerste stukje is inleidend over het ontstaan van de autosport in
Nederland, daarna gaat het hele verhaal over het duinencircuit van
Zandvoort. Ik heb voor deze scriptie het vooral het boek '100 jaar autosport, 50
jaar Circuit Zandvoort' gebruikt. Als je deze scriptie leuk vindt om
te lezen, is het een aanrader om dat boek te lezen. Het boek gaat niet
alleen over het ontstaan van de autosport en het circuit van Zandvoort,
maar bevat tevens portretten van belangrijke autosport mensen van toen en
nu. Onder andere geportretteerd in het boek; Maus Gatsonides, Jos
Verstappen, Rob Slotenmaker, Jan Lammers en vele andere autosport VIPS. Tevens heb
ik wat materiaal uit het archief van het Haarlemsdagblad gebruikt voor
deze scriptie, alsmede enkele foto's van particulieren of andere site's
(zie credits)
Het
ontstaan
van de autosport Sinds dat er auto’s en motoren bestaan is er al
behoefte om de snelste te zijn. Zo begint ook de auto sport, de aller eerste vorm van autorace ter wereld is ontstaan in
Frankrijk waar men de zo genoemde stedenritten had. Het was de bedoeling
dat men zo snel mogelijk van de ene stad naar de andere reed, en zo snel
mogelijk weer terug was. Al deze races begonnen in de hoofdstad van
Frankrijk; Parijs. In 1898 dacht de Nederlandse automobielimporteur M.W.
Aertnys bij zichzelf; waarom geen Parijs-Amsterdam in plaats van een
Parijs-Bordeaux of een Parijs-Marseille? De Franse automobielclub
reageerde eerst een beetje verbaast omdat ze eigenlijk geen zin hadden in
een tocht naar Nederland. Maar Aertnys maakte duidelijk dat dit evenement
voor zowel rijders als toeschouwers spectaculair zou zijn.,, In Nederland
hebt U vlakke wegen, er kunnen hogere snelheden worden gereden en
Nederland is nog maagdelijk wat het automobilisme aangaat’’, zei hij.
,,Het zal de verkoop goed doen daar eens te laten zien wat men
tegenwoordig al met een auto kan doen’’. Paul Meyan zette samen met
Aertnys een route uit: De start in Parijs, dan via Dinant en Nijmegen naar
Amsterdam en vervolgens weer terug. Op 7 juli ging de Parijs-Amsterdam
race van start. De autosport in Nederland was geboren.In 1906 werd in Scheveningen de eerste echte autorace gehouden in de vorm
zoals we hem vandaag de dag ook nog kennen; op een afgesloten stuk weg
werd geprobeerd om zo snel mogelijk een aantal ronden af te leggen. Dit
evenement werd nog een paar keer herhaald in Scheveningen. Ook ontstonden
er races in Hilversum op een 25km lange baan. In verband met de
eerste wereld oorlog werd de nog pas geboren racerij tot 1919 lam
gelegd. Na de eerste wereld oorlog was er in eerste instantie in Nederland
ook geen behoefte om te gaan racen. Maar na een paar jaar begon de
behoefte om te racen toch weer te ontstaan. Nederlandse rijders zochten
hun heil in het buitenland en vonden die in eerste instantie op het
circuit van Spa-Francorchamps. Uiteindelijk ontstond in Nederland ook weer
kleinschalige autoracerij. Er werd op Wielerbanen, Sintelbanen en
stratencircuits geracet door auto’s terwijl de motoren al 2 permanente
circuits hadden: Het TT circuit in Assen en het TT oefen circuit in
Limburg. Begrijpelijk was dan ook dat de Nederlandse autosport eveneens
een permanent circuit in Nederland wilde hebben zoals de motorcoureurs al
hadden.
Plannen voor een permanent autorace circuit In de crisisjaren hield het ingenieurs bureau
‘Buvabi’ zich bezig met plannen voor een autocircuit nabij Arnhem,
Auto Baan Celeritas. Deze baan zou ongeveer 35 kilometer lang moeten
worden en dit zo een investering van 1,4 miljoen gulden betekenen. Ook
werd er een tweede plan gemaakt voor als het eerste plan niet haalbaar zo
zijn. De baan van het tweede plan zou 28,5 kilometer lang moeten worden.
Als locatie werd gekozen voor het Rozendaalse veld. De plannen bleken bij
lange na niet haalbaar. Bedrijven waren, gezien de economische crisis,
niet bereid om risicovol te investeren in een racecircuit. Er werd samen
met gemeenteraadslid Dr. Wessel een nieuw plan bedacht. De baan van het
derde plan zou op het landgoed Johannahoeve moeten gaan liggen en 15 a 20
kilometer moeten worden. Ook dit plan werd door bedrijven afgeketst.
Ondertussen was de net opgerichte KNAF(Koninklijke Nederlandse Auto
Federatie) bezig met plannen voor een circuit nabij Heerlen. Ook dit plan
ging de mist in. Steeds meer mensen begonnen om plannen te maken voor een
permanent autocircuit, de populariteit van de autosport groeide. Zo ook de
student Hans Hugenholtz. Hij ging een samenwerkingsverband aan met de Dr.
Wessel en zo ontstond de NAM (Nederlandse Auto- Motorrenbaan.) Het plan
was nu een circuit op landgoed de Krakeling nabij Zeist. Er werd druk
vergaderd en plannen opgesteld. Dit plan liep ook op niks uit mede door de
Duitse bezetting van 1940 tot 1945. Het ontstaan van autosport in Zandvoort Burgemeester van Van Alphen van Zandvoort dacht in
1938 over het houden van een autorace in zijn zetelplaats. Hij was op het
idee gekomen door de Franse badplaatsen Deauville en La Baule waar men op
deze wijze de attractie aanzienlijk wist te verhogen. Hij wou van
Zandvoort ook een bekende badplaats maken en besloot zodoende om een
autorace te organiseren in zijn woonplaats. Nu moest er alleen nog een
traject komen in Zandvoort. Een echt permanent circuit bouwen zo veel te
duur zijn en tevens veel te tijd rovend zijn. Samen met de KNAC (voorheen
de KNAF) zocht van Alphen naar een geschikte locatie in Zandvoort. Hij
vond dit traject aan de noordkant van Zandvoort waar een paar wegen zouden
worden aangelegd. De KNAC stemde met deze reële plannen in zodat het
wegdek snel geplaatst werd, een pitsstraat werd gecreëerd en er houten
tribunes langs het traject werden neergezet. Op dit 8-vormige circuit, dat
nu nog gedeeltelijk bestaat, werd op 3juni de eerste officiële autorace
gereden onder het bewind van de KNAC, De Prijs van Zandvoort. De winnaars
in de verschillende classes van deze eerste autorace in Zandvoort waren:
C.Rijshouwer, H.Richten, L.Bena, R.Tielens en de later legendarisch
geworden Piet Nortier. De laatst genoemde ontving de prijs van Zandvoort
uit handen van Zijne Koninklijke Hoogheid Prins Bernhard. Dat dit eerste
officiële auto-evenement een succes was blijkt wel uit
stukjes van het blad ‘Auto’ (Blad van de KNAC) van 8 juni 1939:
“……Bij menschenheugenis zal er
wel geen sportevenement kunnen bogen op zulk gunstigen samenloop van
omstandigheden als de Prijs van Zandvoort van de K.N.A.C., de eerste
wegwedstrijd voor automobielen op een gesloten circuit……….Op de
overdekte tribune was plaats voor 2000 personen, op de drie open tribunes
konden 3200 bezoekers worden ondergebracht. In de morgenuren vertoonden
deze nog leege plekken, maar tegen een uur waren ze geheel bezet”,
en het artikel eindigt met:”Het
succesvolle sportevenement was ten einde, de grondslag was gelegd voor
groote internationale wedstrijden. De Sportcommissie van de K.N.A.C. staat
thans voor een Grootsche taak, met wijde perspecieven.” Het succes van de autoraces in 1939, brachten burgemeester Van Alphen op het idee om een permanent racecircuit aan te leggen in Zandvoort. Dit zou immers een grote aantrekkingkracht hebben op mensen van buiten Zandvoort om deze badplaats eens te bezoeken, tevens dacht Van Alphen dat dit voor een grote economische betekenis zou zijn voor Zandvoort. De inval van de Nazi’s in 1940 weerhield burgemeester Van Alphen niet om verder te gaan met zijn circuitplannen. Allereerst moet het circuit ergens geprojecteerd worden. Dit doet burgemeester Van Alphen aan de noordkant van Zandvoort waar tevens een wandelbos moet komen. De bedoeling was dat het circuit om dit wandelbos heen ging lopen. Op de jaarbeurs van 1941 is er een plattegrond te zien waarop het circuit geprojecteerd is. Volgens dit eerste plan kan je het circuit, indien gewenst, aansluiten bij het straten circuit van 1939.
De
list van burgemeester Van Alphen Nu zijn alle plannen klaar en moet de bouw van het
circuit beginnen. Dit is een moeilijke zaak want inmiddels heeft Hitler
besloten om Nederland te bezetten. De Duitse bezetter heeft
allerlei regeltjes en verboden van kracht laten gaan waardoor er niet zo
maar gebouwd kan worden. De meeste mensen na de oorlog willen dat
de Nederlandse staat weer wordt opgebouwd en een plan als in Zandvoort,
past daar echt niet tussen. Daar denken de autosportliefhebbers anders
over. Iedereen die zich nuttig wil maken voor de bouw van het circuit
reist af naar Zandvoort.Het zand en andere bouwmaterialen worden aangevoerd
via een spoorlijntje met kipkarren. Het circuit ziet er ongeveer
rechthoekig uit. Eerst een lang recht stuk van ongeveer 1250 meter. Daarna
een 180 graden bocht naar rechts; de wereldberoemde Tarzanbocht.
Onderleiding van Piet Nortier (winnaar van de prijs van Zandvoort in 1939)
en andere KNMV-officieren en van de Brit Sammy Davis (winnaar van de 24
uur van Le Mans) worden nog een aantal aanpassingen verricht en komt de
uiteindelijke vorm van het circuit van Zandvoort in het vizier. In
februari 1948 als het traject van het circuit af is, gaat burgemeester Van
Alphen met pensioen. Velen vrezen dat al hun werk voor niets is geweest en
dat de plannen voor een circuit alsnog van de baan worden geschoven. Niets
is minder waar want de opvolger van Dhr. Van Alphen, Burgemeester Van
Fenema, pakt het werkt van zijn voorganger met twee handen aan en besluit
om het bouwen van het circuit af te maken. Om een wegdek op de ondergrond
van het circuit te realiseren wordt de overheid bestookt met telefoontjes,
brieven en bezoeken. In de lente van 1948 wordt dan eindelijk in het kader
van ‘Dienst uitvoering Werken’ en met de hulp van de Heidemaatschappij
een wegdek aangelegd op de ondergrond van het circuit van Zandvoort. Er
komen eenvoudige afzettingen, eenvoudige plaatsen om te sleutelen (onder
andere de pits) en er wordt een
stenen tribune gebouwd. Het eerste permanente autocircuit van Nederland,
Het circuit van Zandvoort, is geboren!!
De haat/liefde
verhouding met het van
Zandvoort met het circuit Als rode draad in de historie van het circuit lopen de vele verhalen over het dan wel dan niet sluiten van het circuit. Sinds het circuit tot stand is gekomen, zijn er al mensen die tegen het circuit van Zandvoort zijn en het circuit het liefst zo snel mogelijk zien verdwijnen. Krantenknipsels terug tot de jaren vijftig, zeiden het steeds weer: gemeenteraad wil sluiting circuit; sluiting uitgesteld; 1961: VVD wil sluiting racebaan; sluiting circuit in PvdA-verkiezingsprogramma; gemeenteraad streeft naar sluiting baan. Sinds jaar en dag zoeken autoliefhebbers uit Nederland naar een alternatieve locatie mocht Zandvoort het circuit plotseling verbannen uit zijn gemeente. Sinds de jaren zestig was de Zandvoortse
gemeenteraad al niet positief over het circuit in het noorden van hun
zetelplaats. Maar op 10 November 1970 kwam daadwerkelijk het eerste
serieuze signaal tot sluiting van het circuit. De gemeenteraad had
besloten het circuit te sluiten, indien er een andere bestemming voor een
autocircuit gevonden zou worden. De badplaats was geschokt. De
plaatselijke ondernemersvereniging liet een onderzoek uitvoeren of de
bewoners het wel eens waren met dit genomen besluit. Maarliefst 80% van de
bevolking was tegen dit genomen besluit tot sluiting van “hun”
circuit. Er volgde een tijd van onwetendheid. In 1972 wilde de gemeente
Zandvoort zijn geld niet meer uit te geven aan het circuit. Wat nu? De
formule 1 coureurs hadden het circuit namelijk al afgekeurd omdat
Zandvoort verouderde en de formule wagens steeds harder gingen terwijl de
veiligheid van het circuit was blijven stil staan tot aan 1948. Er bleven
voor de NAV (Nederlandse Autorensport Vereniging) en de KNAC (Koninklijke
Nederlandse Automobiel club) nog twee opties voor handen; of het
racecomplex sluiten of de exploitatie van het circuit over te nemen. Het
werd gelukkig voor autosportminnend Nederland en de Zandvoortse bevolking
de tweede mogelijkheid. De NAV en de KNAC besloten tot oprichting van de
CENAV BV (Circuit Exploitatie Nederlandse Autorensport Vereniging BV). Het
doel van de CENAV BV was dus om het circuit waardig te gaan exploiteren en
om passende vernieuwingen aan te brengen zodat de formule 1 coureurs weer
op het circuit van Zandvoort zouden kunnen aantreden. Op 17 februari 1973
werd een 15-jarig huurcontract afgesloten tussen de CENAV BV en de
gemeente Zandvoort. Johan Beerepoot volgde de legendarische Hans
Hugenholtz (er is nog steeds een bocht op het huidige circuit die zijn
naam draagt) op als circuitdirecteur. Het lukte Dhr. Beerepoot met veel
inzet en energie om het benodigde geld voor de vele aanpassingen, 3
miljoen gulden, in de knip te krijgen. Langs het gehele traject werden er
vangrails gemonteerd. Ook werden er enkele snelheidsremmende maatregelen
getroffen zoals het aanbrengen van chicanes (korte, langzame rechts,links
of links,rechts bochtencombinaties). Aan het eind van de jaren 70 besloot
de gemeente Zandvoort toch dat het circuit zijn deuren moest sluiten. Dit
is niet gebeurd omdat de inwoners van Zandvoort het er niet mee eens
waren. Het hoogtepunt voor handhaving van het circuit in deze periode was
op 8 december 1979 toen er een grote demonstratie plaatsvond in Zandvoort
voor de handhaving van het circuit. Dat de inwoners er niet blij mee waren
blijkt onder andere ook uit een krantenartikel uit het Haarlems Dagblad
van maandag 9 december 1979, een interview met een actieve bejaarde
Zandvoortse dame, Bep Roozen op de dag van de demonstratie voor behoud van
het circuit (8 december). Het kopje van het artikel luid: Demp de zee en
van Zandvoort is niets meer over. Hier volgen enkele stukjes uit dit
artikel:,,Op de vraag of ze
vanmiddag mee loopt in de demonstratie voor het circuit produceert ze een
medelijdende glimlach……….,,Reken maar dat ik erbij ben. Wat hier
allemaal gebeurt is zondermeer verbijsterend”…………,,Als
voorbeelden hoef ik alleen maar de toeristenbelasting, het geklungel met
de VVV en de dreigende ramp van de circuitsluiting te noemen. Als ze nu
ook nog de noordzee gaan dempen kan Zandvoort helemaal wel
inpakken”……………,,Zandvoort is een toeristenplaats”betoogt ze
met klem. ,,En dat gepraat over een woongemeente met een toeristisch
karakter is een nare zaak”…………….,,Wie hier wil komen wonen
moet de toeristen en het circuit op de koop toenemen”……………,,Ik
ga nooit naar een autorace kijken, maar het circuit is een ‘economische
must’ voor Zandvoort”………,,Wat er nu gebeurd is zo verbijsterend
tweeslachtig”, zucht Bep Roozen tot besluit. De Geluidskwestie van Zandvoort en het circuit
in de jaren ‘80 In 1981 deed de Zandvoortse gemeenteraad weer een
poging tot het verbannen van de autosport uit Zandvoort. De Zandvoortse
raadvertegenwoordiging sprak zich uit over het feit dat zij streefden tot
sluiting van de Zandvoortse autorenbaan. Op 12 februari 1982 volgt een
persbericht van de provincie waarin staat dat sluiting van het circuit
niet tegen te houden is. Dit persbericht benadrukt dat het circuit van
Zandvoort nooit aan de nieuwe Wet Geluidshinder kan voldoen en zodoende
gesloten moet worden. Er ontstaat veel getouwtrek tussen voorstanders van
de sluiting, veel politici en milieuactivisten, die beweren dat het
circuit nooit in de wets-norm zou vallen en tegenstanders van de sluiting
die dit wel mogelijk achten.
De provincie gaat bezwaar maken tegen het
circuit Op 4 oktober 1983 stelde de gedeputeerde staten van de provincie dat het circuit aan zulke eisen als gesteld worden niet kan voldoen op de plaats waar het nu lag. In het streekplan van de provincie zou het circuit namelijk niet passen, in verband met het tegenhouden van bebouwing aan de zuidoost kant van Zandvoort. Opnieuw begon het getouwtrek tussen voorstanders van de racebaan en tegenstanders van het circuit, die veel minder konden uithalen als voor 1982, in verband met de gemeenteraadswisseling. Het einde van deze kwestie kwam in 1985 toen de Raad van State bepaalde dat het circuit het bouwen van nieuwe woningen niet belemmerde. Een nieuw probleem in Zandvoort omtrent het
circuit Net toen het leek dat de storm over het circuit van
Zandvoort eindelijk was opgehouden, diende zich een nieuw onverwacht
probleem aan. Er zou een bungalowpark worden neergezet ten zuidoosten van
het circuit. Het probleem was dat de racebaan dwars door de bungalows heen
ging en dat er dus opnieuw een probleem ontstond. De gemeente was echter
enthousiast over de bungalowplannen en wilde deze doorzetten. Wat moest er
nu gebeuren? Dit keer zag het er echt slecht uit voor het autoracecomplex,
de bungalows zouden er namelijk hoe dan ook komen.De circuit directie kwam
op 27 maart 1986 met een genieus plan waarin alle betrokken partijen zich
thuis zouden voelen. Om dit beter uit te leggen volgt eerst een
afbeelding. Op deze afbeelding staat het bestaande circuit anno 1986 (het witte en het grijze weggedeelte) waarop goed te zien is dat het circuit door het geplande bungalowpark (de rode oppervlakte rechts) heen loopt. Het nieuwe circuit wordt het grijze al bestaande deel en het zwarte nog aan te leggen deel. Het doodlopende grijze stuk, het stuk wat omhoog loopt vanaf het begin van het zwarte weggedeelte, wordt niet meer benut met autoracen. Dit doodlopende stuk weg blijft echter behouden voor als de circuitdirectie besluit om in de toekomst misschien te gaan uitbreiden. Het witte baangedeelte is vandaag de dag verdwenen. Dit plan werd zeer goed ontvangen door alle betrokken partijen, vooral door de politiek. Het circuit kwam namelijk verder van de bebouwing te liggen. Tevens was het de bedoeling dat er Geluidswallen gecreëerd zouden worden waardoor de bewoners minder tot geen geluidsoverlast zouden hebben van de races. Het derde positieve punt was dat er naast het bungalowcomplex nu plaats was gekomen voor onder andere sportvelden. De politiek, zowel de gemeenteraad als de provincie, keurde dit plan dus goed. In juli 1989 werd het 2,5 km lange interim-circuit in gebruik genomen. Mutatie
van de circuit exploitant De Circuit Zandvoort BV (vroeger CENAV) kwam in de financiële problemen in het einde van mei in het jaar 1987. Op 15 juni 1987 vroeg circuitdirecteur Vermeulen het faillissement aan van Circuit Zandvoort BV, wat een dag later werd uitgesproken.Er werd een hele nieuwe opzet gemaakt voor de circuitexploitatie.De organisatie die dit nu ging doen heette Exploitatie Circuit Park. Er werden middelen gevonden om de economische toekomst van het complex te waarborgen. Jim Vermeulen oud-directeur van Circuit Zandvoort BV ging aan de kant voor zijn opvolger Peter Holm die directeur werd van de pas opgerichte organisatie. Op 21 september 1989 kwam de exploitatie van het circuit dan ook werkelijk in de handen van Exploitatie Circuit Park. Eind ’87 wilde het Ministerie van WVC (nu het ministerie van VWS) een onderzoek of het circuit naar behoren werd geëxploiteerd. Op 28 januari 1988 bracht de conclusie van dit onderzoek naar voren dat het circuit uitstekend werd geëxploiteerd door de ECP. In 1989 werd Peter Holm opgevolgd door Hans Ernst die zich erg inzette voor het erfpachtcontract. Dit betekent dat het circuit van Zandvoort in handen van ECP blijft tot minimaal 2013.
De A-status Door een nieuwe wet moest het circuit van Zandvoort een zogenaamde hernieuwde A-status verkrijgen. Dit hield in dat het bij de overheid bekend moest zijn als landelijke autoraceaccommodatie, wat het al was, dus dat was geen probleem. Ten tweede moest er een Plan van Aanpak komen wat wel een probleem was gezien het vele werk en de relatief veel betrokken Ministeries die allen zo hun eisen stelde waaraan voldaan moeste worden. Het gaat hier over 4 Ministeries: Het eerste ministerie, het ministerie van WVC, is betrokken omdat zij moeten bepalen of het circuit het waard is om investeringssubsidies te geven. Het tweede ministerie, het ministerie van VROM (Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu), hield zich als hoofdzaak bezig met het feit of het circuit kon voldoen aan de Wet geluidhinder en aan de verschillende milieuwetten. Het derde ministerie, die van LNV (Landbouw, Natuurbeheer en Visserij), bemoeide zich met de beoordeling van het plan van aanpak omdat zij moesten zorgen dat de natuur behouden zou worden. Het vierde en laatste ministerie,het ministerie van Economische Zaken, is betrokken omdat ze willen weten of het plan van aanpak economisch gezien rendabel is. Er werden door deze vier ministeries 10 voorwaarden opgesteld waar aan voldaan moest worden. Toen het plan van aanpak opgesteld was moest het worden goedgekeurd door 3 overheidsinstellingen te weten; de gemeenteraad, de provinciale staten en de 4 betrokken ministeries. Zowel de gemeenteraad als de 4 ministeries stemden in, alleen een minieme meerderheid in de provinciale staten stemde tegen. Om de laatste stemmen van de provinciale staten binnen te halen stortte de Exploitatie Circuit Park BV een bedrag van f 250.000,= in een fonds die het mogelijk maakte om Camping De Branding, wat tussen het circuit en de boulevard lag, te verplaatsen. Deze aangename verassing bracht de provinciale staten er toe om het plan van aanpak van de ECP toch goed te keuren. Op 23 december 1994 schreef staatssecretaris Erica Terpstra een brief naar de Tweede kamer met de vraag of de A-status verleend kon worden aan de ECP BV. In juni 1995 kreeg de ECP eindelijk de A-status toegereikt door de overheid.
Omgang tussen het circuit en de bewoners van
de laatste jaren De laatste jaren zijn er vooralsnog geen negatieve klanken gehoord van Zandvoorters omtrent het circuit. In 1995 werd er voor het laatst een onderzoek gedaan of bewoners nabij het circuit last hadden van het autosportcomplex. Het resultaat was zeer positief te noemen voor het circuit. Op het gebied van de infrastructuur bijvoorbeeld werd de vraag gesteld of de bewoners last hadden van het verkeer naar en van het circuit. Van de 500 ondervraagden antwoordde er slechts 12 met ja. Het enige wat de ECP nog zou willen is meer geluidsdagen. Op een zogenaamde geluidsdag mag de wet geluidhinder overschreden worden. Het circuit zou er graag meer willen zodat ze meer internationale races (zoals bijvoorbeeld de sportscarseries en misschien ooit weer de formule 1) zouden kunnen organiseren in Zandvoort. Tot op de dag van vandaag is het circuit daarover nog in discussie met verschillende instanties.
KLIK HIER voor alle layouts van het circuit van Zandvoort.
|